Tweede Wereld Oorlog | Biesbosch

In de eerste week van november 1944 is Noord – West Brabant bevrijd. Het Hollands Diep, de Amer en de Bergse Maas werden een natuurlijke grens tussen bevrijd Nederland en bezet Nederland. De Duitsers waagden zich niet in het onherbergzame gebied met eb en vloed waar bovendien geen economisch gewin te halen was.
Vanuit het bevrijde gebied moest belangrijke informatie worden gebracht naar bezet gebied, dit gebeurde via crossings. De crossings waren op de eerste plaats bedoeld als militaire koerierswegen. Alle belangrijke boodschappen en instrumenten kon men zo overbrengen van bevrijd naar bezet gebied of andersom. Op de tweede plaats kwam personenvervoer. Gestrande Geallieerde piloten konden via de geheime overtochten weer terugkeren in bevrijd Nederland. En mensen die in levensgevaar verkeerden, zoals de Joden, konden ook via de crossings naar het bevrijde deel van Nederland. Als laatste gebruikte men de overtochten voor het vervoer van medicijnen.

Eind februari 1945 is er in het westen een tekort aan insuline Men wordt op rantsoen gezet en krijgt maar een derde van de benodigde hoeveelheid. Dankzij de crossline zijn tienduizenden suikerpatiënten gered.

Er waren twee routes:

– Eén van Sliedrecht naar lage Zwaluwe
– En van Werkendam naar Drimmelen

Een crossing was tussen de 13 en 18 kilometer lang en als alles meezat duurde het ongeveer 3 uur. Helaas kwam het wel eens voor dat het niet ging zoals men wenste en duurde de tocht tussen de 8 en 12 uur. Ook was een tocht wel eens tevergeefs want dan stonden er bij het eindpunt Duitse controle posten en moest men helemaal weer terug keren.

Alle tochten werden ondernomen in de duisternis. Zodra de maan tevoorschijn kwam ging men niet weg. De Duitse bezetter had alles ondernomen om de ” de partizanen van de Biesbosch” zoals zij ze noemden te onderscheppen. Alle mogelijke in – en uitgangen werden onder vuur genomen en de patrouilleboten gingen dag en nacht varen. Maar als ze dan eindelijk een crossline hadden opgerold, dan ontwikkelden de line-crossers binnen een paar dagen een nieuwe route. Het sterkste punt van de crossline was de dagelijkse regelmaat waarmee deze tochten werden ondernomen.

 

Bruggetje van Sint Jan

Op de foto hierboven ziet U het Bruggetje van Sint Jan in de Biesbosch. Dit bruggetje is het symbool van verzet door onderduikers hun helpers en linecrossers. Op dit bruggetje werden 75 vijandelijke [ Duitse soldaten] ontwapend door soldaten van het onderduikerscommando.

Het aantal crossingen word geschat op 450. De crossingen waren dus een belangrijk deel van het verzet.

Na de Tweede Wereld oorlog wordt de Biesbosch opnieuw ingericht vijftig procent van de Biesbosch wordt landbouwgrond, de overige 50 % is nog steeds water en moerasgebied.

 

Crossingen werden vooral gedaan met kano’s omdat ze geen lawaai maakten..

 

Terug naar hoofdmenu