Uur Tot Uur | Watersnoodramp 1953

Militairen dichten dijk bij Fijnaart

 

Vrijdag 30 januari: Een zware storm ontwikkelt zich achter een depressie ten zuiden IJsland.

Zaterdag 31 januari : Een orkaan trekt over Schotland naar de Duitse Bocht. De wind draait op de noordelijke Noordzee naar het noordwesten. De storm stuwt het zeewater het kanaal in. Een storm veld van duizend kilometer land nadert de Nederlandse kust

Zaterdag 11 uur: De stormvloed waarschuwingsdienst van het KNMI laat een waarschuwing uitgaan met de volgende tekst: Flink hoogwater voor de groepen Rotterdam, Willemstad, Bergen op Zoom en Gorinchem

Zaterdagmiddag: Het is vloed, en er staat een hele harde wind. De buitendijkse schorren lopen onder water. Hier en daar slaat het water over de dijk heen.

Zaterdag 17:45: Een nieuwe waarschuwingstelegram gaat uit, dat om 6 uur op de radio te horen is. Het bericht luidt als volgt: “ Boven het noordelijk en westelijk dele van de Noordzee woedt een zware storm tussen noordwest en noord. Het storm veld breidt zicht verder uit. Verwacht mag worden de gehele nacht zal voortduren en in verband hiermede werden vanmiddag om half 6 de groepen Rotterdam, Willemstad en Bergen op Zoom gewaarschuwd worden voor gevaarlijk hoog water. Het KNMI is niet op de hoogte van de slechte staat van de dijken. “ Gevaarlijk hoog water” is de ernstige uitdrukking die gebruikt kan worden voor een waarschuwing. Veel autoriteiten hebben geen abonnement of vinden pas maandag het telegram. Die nacht is er tussen 12 uur en 8 uur geen radio.

Zaterdagavond: Boven de Noordzee neemt de storm toe. Boven zee tot een zeer zware noordwesten storm, windkracht 11 aan de kust tot windkracht 10. In het zuidwesten van Nederland wordt 20 uur achtereen een windkracht van minstens 9 gemeten.

Zaterdagavond: De eb blijft uit, de storm heeft het water te veel opgestuwd. Sommige onderkennen het gevaar en beginnen maatregelen te nemen.

Zaterdagnacht/Zondagochtend: Het is springvloed, of giertij, twee dagen na volle maan. Om 03:24 bereikt het tij zijn hoogste stand. In Vlissingen wordt een hoogste waterstand van 455 cm boven het NAP gemeten. Rond 2:00 komt het water voor het eerst over de dijken en vloedplanken heen.  Vanaf 3:00 breken de dijken op zeker 90 plaatsen in het zuidwesten. De eerste dijken die het begeven liggen aan de zuidkant van de polders, die waren immers het slechts onderhouden. Kruiningen, Kortgene, en oude Tonge breken als eerst. Ook de dijk in Stavenisse breekt, met als gevolg een gat van 1800 meter. De dijken bezwijken ook in Willemstad, Heijningen en Fijnaart in Noord Brabant en bij ‘s-Gravendeel, Strijen en Numansdorp in de Hoekse waard, Zuid Holland. De Schielands Hoge Zeedijk, tussen Schiedam en Gouda langs de Hollandse IJssel beschermt 3 miljoen mensen en houdt het maar net.

Zondag 1 februari 4:30 uur: De eerste telexberichten uit Zwijdrecht en Willemstad. Vanaf 5:15 uur gaan berichten uit van het ANP nieuwsdienst

Zondagochtend: De delta is een grote watervlakte geworden. Het wordt eb en het water daalt dus. Mensen vluchten naar hoger gelegen gebieden.

Zondagmiddag: Tweede vloed. Het water in de polders komt hoger dan nachts. Mensen vluchten daken op, en huizen storten in. Het blijft stormen. Die zondag is er nog maar weinig hulpverlening. Enkele verkenningsvluchten over de randgebieden. Niemand weet nog dat Schouwen-Duiveland, Goeree Overflakkee en Tholen bijna zijn verdwenen.

Zondagavond: De eerste Urker vissers varen het gebied binnen.

Maandag 2 februari: De eerste reddingsacties. Bootjes varen de delta binnen. Er worden hulpgoederen gedropt bij Sommelsdijk, op Goeree-Overflakkee.

Dinsdag 3 februari: De redding komt goed op gang. Slachtoffers worden geëvacueerd. Honderden schepen varen het gebied binnen. Voedseldroppings en helikopters volgen. Militairen nemen een deel van de hulpverlening op zich. Vanaf dinsdag vallen er geen verdrinkingsslachtoffers meer, de directe ramp is voorbij.

 

Terug hoofdmenu